Van a naar eindresultaat

Recentelijk
bleek in mijn lessen
dat sommige leerlingen
het proces
van het instuderen van repertoire
lastig vonden.

Niet het instuderen an sich
– ze hebben een soortement
van stappenplan –
maar het feit dat
de muziek
in de tussentijd
niet klaar was.

Daarom vonden ze
hun eigen spel
slecht
of
lelijk.

En waren bang dat ik
als meeluisteraar
hun spel ook
slecht
of
lelijk
zou vinden.

Ik kan oprecht zeggen
dat ik daar nog
nooit
over had
nagedacht.

Voelt een schilder
zich slecht over
de grondverffase?

Heeft een banketbakker
een slecht gevoel
over de metamorfose
van ei en meel
tot appeltaart?

Hoe ervaren wij
een proces
op weg naar
het eindresultaat?

Het was weer een leerzame week…

Rups 9

Foto: Erik Busstra

 

 

 

Ja, stop maar…

Vaak weten we al na een paar maten,
nee, al na de eerste noot,
nee, al voor de leerling überhaupt is begonnen,
wat de uitkomst gaat zijn
van het spel van een leerling.

We kunnen
op grond van onze ervaring
voorspellen
wat het resultaat gaat worden
van een week oefenen
op de huiswerkopdracht
van daarvoor.

‘Ja, stop maar…’
zeggen we,
omdat we graag efficiënt
willen werken
en goed les willen geven.

Ik ook.

Tot een moedige leerling
mij er op wees
hoe frustrerend
dat voor hem was.
Natuurlijk wist hij ook wel
dat zijn spel nog niet in orde was.
Hij wist ook wel
wat er beter kon.

Maar hij had geen behoefte
aan instructies,
maar aan de mogelijkheid om
zich tijdens het spelen
te mogen herpakken.

Herkansen
Verbeteren
Het beetje bij beetje
beter doen
Er inkomen
Zelf op zoek mogen gaan
naar een verandering.

Efficiënt lesgeven
betekent
niet altijd
nuttige instructies geven,
maar regelmatig de leerling
de kans geven
om zich te herpakken.

Ook als wij
op grond van onze ervaring
kunnen voorspellen
dat dat wellicht vermoedelijk
nog niet gaat lukken…

Stop 7

 

 

 

 

Arme, kleine pink

Een student lette op
het gelijktijdig bewegen van zijn vingers.
Zijn pink,
ik weet niet meer van welke hand,
was steeds
een beetje trager
dan de rest.

De student
slaakte een zucht.

‘Ben je teleurgesteld in je pink?’
vroeg ik.
‘Ja’ zei hij, ‘eigenlijk wel’.
‘Arme pink’ zei ik,
‘hij doet zo z’n best…’

En meer kunnen we niet doen:
1) ons best,
2) op blijven letten,
3) geduldig zijn.

Tot de neurale connectiviteit
in ons brein
ons (en onze pink)
in staat stelt
om te reageren
op onze eigen opdrachten.

Heb geduld.
Leer door.
Doe je best.
Dan komt het vanzelf goed.

schildpad 5

 

 

Ongewoon gewoon

Het woordje ‘gewoon’
betekent meestal
het tegenovergestelde.
Juist helemaal NIET gewoon.
Ongewoon.

Je moet gewoon…
– daar een fis spelen
– de lijn doordenken
– rustig blijven
– je hand ontspannen
– op de pianist letten
– nergens aan denken en lekker musiceren

Ja ja.
Goedbedoelde
maar vaak onhaalbare adviezen:
het is niet voor niets niet-gewoon
voor onze leerlingen…

Wij docenten mogen een voelspriet
ontwikkelen
voor iedere keer dat we
het woordje ‘gewoon’ gebruiken.

Gewoon
even midden in een zinnetje
heel gewoon
tussendoor
een gewoonte.

Steeds als we de neiging voelen
‘gewoon’ te zeggen,
mogen we daarvoor in de plaats
bedenken
wat een leerling werkelijk nodig heeft
zodat zij, dat wat wij gewoon vinden,
ook ‘gewoon’ kunnen leren.

Onze gewoonte,
hun gewoonte.

Ik wens iedereen gewoon
een ongewoon gewoon
prachtig en muzikaal
2018!

gewoon

 

 

 

Kleine hersenen (Cerebellum)

In de kleine hersenen
zitten meer hersencellen
dan in de rest van ons brein
maar deze zitten zo dicht op elkaar
dat ze – vooralsnog –
lastig te onderzoeken zijn.

Daardoor weten wetenschappers
nog weinig van dit deel
van ons brein af.
Maar wij musici
kennen onze kleine hersenen
eigenlijk best goed.

We zetten ze mooi aan het werk
als we de puls
van de muziek
in ons lichaam voelen.

Als een cadans
als een dans
als een beweging
vloeiend
flexibel
heen en weer
en toch superstrak.
De kleine hersenen optimaal aan het werk.

Onze kleine hersenen (of cerebellum)
spelen ook een belangrijke rol
bij het fysieke deel van een FFF- reactie:
Freeze (bevriezen)
Flight (vluchten)
Fight (vechten).

Vandaar dat we,
als we onder spanning staan,
extra spierspanning ervaren.
Superonhandig
tijdens het musiceren.

Als we tijdens het musiceren
– zonder en onder spanning –
onze kleine hersenen
veel bewuster een muzische taak blijven geven,
namelijk het voelen van de puls,
hebben we veel minder last
van de fysieke ongemakken van stress
en daardoor van spanning in het algemeen.

Probeer het maar eens uit.
Magisch…

kleine hersenen

Ergens op oefenen? Of: ergens op letten?

Ergens op oefenen.

Dat zegt niet zoveel:
dat kan gedachteloos
aandachtsloos
zonder ergens op te letten.

Echter:
zonder aandacht en focus
geen leerproces.

Ergens op letten,
creëert als vanzelf een verandering
in het brein.

We kunnen – door ergens op te letten –
iets leren
iets verbeteren
iets veranderen
reageren
niet reageren
iets toepassen
iets aanpassen
iets…

Dat is alles.
Alleen maar
ergens op letten.

Dus misschien moeten we onze leerlingen
niet vragen om ergens op te oefenen
te studeren
te ploeteren,
maar ze leren een laagje dieper te gaan:
‘Let thuis op x
y
en z
en let op a
f
en t’.

Ergens op letten is ergens op oefenen.

5e2e6981870c3a0d4948840537933877

 

Nog een keer?

De eerste poging
van een leerling is
vaak niet
naar zijn of haar eigen wens.

Wil je ‘m nog een keer doen?
of gaan we door?

Wil je ‘m nog een keer doen?
of zal ik erop reageren?

De leerling weet zelf het beste
of de versie die hij of zij zojuist speelde
de werkelijkheid van het oefenen
laat horen
of dat ie
eigenlijk wel beter zou kunnen.

Het stellen van de vraag:
‘wil je ‘m nog een keer doen’
is voor zowel de docent
als de leerling
leerzaam
en nodigt uit
tot reflectie.

verlaatdialoog